zaterdag 27 augustus 2016

Bourgondisch à la Gort

Tussen het lezen van het zeer intrigerende, maar ook deprimerende boek van Garry Kasparov over Putin's greep op Rusland, sta ik mijzelf toe om het einde van de zomer te voelen. 
Dit weekend lees ik in de laatste zonnestralen van augustus 'Leven als Gort in Frankrijk' van de illustere wijnbaron Ilja Gort. Ik wist dat de beste man bekend was van tv, maar aangezien ik nauwelijks alcohol drink was ik nog niet bekend met zijn wijn en oeuvre over een leven in de wijn. 
De titel trok mij aan en ik slingerde mijzelf in een tuinstoel. Achterover luierend schoot ik al snel in de lach dankzij Gort's zelfspot. Als hij je meeneemt in zijn talloze fouten, heb je het gevoel of jij dezelfde fouten zou maken. Zijn ontroerende liefde voor de omgeving beschrijft hij heel levendig. Des te grappiger en pijnlijker wordt de vervolg passage waarin hij vertelt hoe de ingehuurde 'tuinman' met een graafmachine zijn bomen begint te vellen.

Het bracht mij er toe om wijn een tweede kans te geven en een flesje van zijn rosé te kopen. Gort's besluit om roséwijn te maken was een soort aha erlebniss:
"Opeens zie ik hoe David de kraan aan de onderkant van de cuve opendraait. Een dike straal roze druivensap spettert schuimend de goot in.
'Wat doe je nou!?' schreeuw ik verbijsterd. 'Doe dicht!!'
Stomverbaasd zie ik hoe tientallen liters kostelijke wijn het riool in lopen. David legt uit dat dit 'saigner' heeft, laten bloeden. Door het eerste sap te laten weglopen, wordt de resterende wijn geconcentreerder. In een opwelling stap ik naar voren en steek m'n hoofd onder die spetterende roze straal. Tientallen liters rosé schuimen over m'n kop! Een héérlijk dronken makende sensatie: zoet sap spat in m'n mond. Het is liefde op het eerste gevoel. David, wat gaan rosé maken!'


Die rosé staat nu in mijn koelkast. Rosé moet in de koelkast toch? Blindelings heb ik mijn moeder voorbeeld gevolgd. Het etiket van de fles vertelt me veel; er staat een dikke duim op met daarbij de tekst 'deze wijn is o.k.'. Oké, bedankt. Goed om te weten.
Daarnaast is er op de streepjescode een dakje gezet waardoor het een chateautje is geworden. Leuk.
Er staat een handtekening met de woorden 'Ilja' en een zonnetje waar een gezichtje in is getekend, wat meer doorgaat voor een kindertekening dan het signatuur van deze man. Een lange lijst met prijzen die mij niets zeggen, laten zien dat ik niet de eerste ben die deze rosé zal proeven. Daarnaast een korte uiteenzetting of wijn gezond is. Gort verzekert ons dat we gewoon moeten genieten en lekker moeten sporten. Of als we sporten stom vinden, gewoon wat minder te eten. Door veel te lachen leven we 'waarschijnlijk het langst' en 'zeker het prettigst'. Waar deze ik deze retoriek normaal af zou doen als blabla, ben ik nu in zo'n opperste beste stemming dat ik lachend naar de besnorde man op de tekening kijk. Maar moet het in de koelkast? Nog steeds geen idee.


Na enig googlen heb ik het antwoord. Onder het kopje 'Temperatuur: maak er geen probleem van' staat: 'Witte wijnen en rosé-wijnen drinken we koel. Ideaal is een temperatuur van omstreeks 10 graden. 's Zomers zet u de flessen, in een kletsnatte handdoek gewikkeld, in de schaduw op het balkon; 's winters, als het niet vriest, even om het hoekje van de keukendeur. Eventueel mag u de flessen een half uurtje (niet langer) in het flessenrek van de koelkast zetten.'
Zo, mag ik dat? Uit een razernij voor de tegenstrijdigheid van de kop bij de tekst laat ik de rosé lekker in de koelkast staan. Als het voor mijn moeder goed is, zal dat het ook voor mij zijn. 

De fles sprong er gelijk uit in het schap. De twee hoofdstukken die gewijd waren aan het etiket hadden mij precies vertelt hoe het eruit zou zijn. Een tulp, geschilderd door de 7 jarige zoon van Gort. Ik vond de tulp, die er uitzag als een chique kunstwerk en niet het geklieder wat ik produceerde toen ik 7 was. Afin, ik nam fijn klein formaat flesje mee bij de AH en gooide met veel joi de vive een doosje bonbons in mijn mandje. Laat die bourgondische avond maar komen! Eenmaal thuis gekomen paste mijn bonbons niet meer in de koelkast van mijn ouders, die tot de rand vol stond met verjaardagstaart. O ja. Dat was nog niet op.

Na Gort's verhalen over lange tafels met stomende maaltijden met bijbehorende rijkvloeiende wijnen, moest mijn rose eigenlijk vergezeld worden met een stuk zelfgeschoten haas of een dampende eendenstampot. Aangezien ik na mijn inspannende dag van een boek lezen in de tuin geen zin meer had om te koken, zwichte ik voor kant en klare lasagne. Nu is dit natuurlijk alles behalve kwaliteit, maar door alle rijke woorden van Gort kon ik alleen nog maar denken aan romige bechamel saus. 

Terwijl die in de oven stond, werd het tijd voor mijn glas rosé. Als hier nu iemand was geweest met verstand van iets, had hij mij vast verteld dat ik het verkeerde glas had gekozen uit de kast. Aangezien ik alleen was, besloot ik voor het mooiste glas te gaan. Eerst ruiken; goed. Ik verwachte de zoete aardbeitjes en frambozen uit zijn omschrijvingen te ruiken, maar het enige waar de rosé me aan deed denken was 16 jaar zijn en vieze slobberwijn op een feestje krijgen. De tweede keer ging ik mijzelf weer boven het glas, snuifde diep terwijl ik aan landerijen, kastelen en Frankrijk dacht, maar kreeg alleen een herinnering boven van mijn moeder die op een verjaardag een glaasje voor zichzelf inschenkt. Mijzelf licht vervloekend omdat één boek natuurlijk mijn smaak niet zou veranderen en mij niet opeens een wijnliefhebber zou maken, nam ik een slok, vooringenomen om het niet lekker te vinden. Het moment dat de rose mijn tong raakte dacht ik, br, maar de seconden dat ik het even in mijn mond hield en daarna doorslikte vielen niet tegen. Sterker nog, was het zowaar best aangenaam van smaak? Wijfelend nam ik nog een slok. Het is heel licht van smaak. Of heeft het gewoon weinig smaak? Slok 3. Het is zo licht dat het wel water lijkt. Slok 4. Slok 5. Ja, verrek, ik merk niks in mijn keel. Slok 6. Slok 7. Nee. Ik proef niet echt wat. Misschien moet ik er eten bij nemen.
Terwijl ik langzaam mijn lasagne in de zon verorberde onder het genot van Gort's boek en slokjes van zijn geliefde product, ging ik op in het 'du pain, 'du vin' gevoel van de kruidenboter reclame. Gort's website heet slurp en dat kan je inderdaad goed doen met deze wijn. Na een half glas voelde ik mij anders en na een heel glas was ik behoorlijk teut. Lachend lag ik de passages over diners waar flessen (meervoud) sneuvelden. Ik zou waarschijnlijk het voorgerecht nog niet halen.


Ik zette een kopje thee voor mezelf en koos een lekker bonbonnetje uit. Ik keek naar de ondergaande zon en slaakte een zucht. Mijn eigen leven als Gort in Frankrijk.  Terwijl de karamel mijn lippen raakte en de pure chocolade in mijn mond smolt, bedacht ik mij dat dit toch wel heel fijn was. Bovendien heel makkelijk om te bewerkstelligen. Ik had geen chocolade, rosé of lasagne nodig, maar gewoon de tijd om even niks te doen en dat prima te vinden. Ik hervatte mijn boek en legde alvast mijn Sense en Sensibility dvd  
klaar voor na zonsondergang. Merci, monsieur Gort!

Geheel naar Nederlands weermodel werden mijn tevreden gevoelens plots gestoord door een harde donderklap en een harde bui. Snel rende ik naar binnen en plofte neer op de bank. Ik liet 'Joie De Vivre' van Alex Klaasen door de boxen schallen en realiseerde mij dat Frankrijk toch echt in Frankrijk lag, en niet in mijn achtertuin.





zondag 21 augustus 2016

Worteltaart en Catherina in het Hermitage


"I I follow, I follow yoouuhhuuu" schalde er door het café. Niet door de speakers, maar uit de mond van een te enthousiaste serveerster. Haar valse toon paste bij haar valse lach die op haar gezicht verscheen. Met grote ogen staarde ik mijn moeder aan die weemarend terugkeek en het meisje herhaalde: "de speakers doen het niet meer, we moeten nu zelf maar zingen."
Ik rolde mijn ogen en zuchtte terwijl de ongewenste karaoke zich voortzette. Buiten was het wel prachtig. Gelukkig begreep het café dat ook, het was volledig van glas. Een voorzichtig zonnetje scheen op de oude gebouwen en de plantjes om ons heen. De menukaart vertelde dat zij de kruidentuin vormden waarin hun thee groeide.
Niet de mijne, die op dat moment voor mijn neus werd gezet. Ceylon uit India. Mijn moeders koffiekopje kwam uit een kabouterhuisje. Sip nipte ze haar felbegeerde vingerhoedje koffie waar ze al sinds ons vertrek van huis anderhalf uur geleden naar hunkerde. Ze leefde echter op toen ze een boek vond waarin de verhalen achter de gebouwen op de binnenplaats uiteengezet werden. Zo moeder, zo dochter.

"Dat was een bejaardentehuis voor echtparen en daar vergaderde de raad van het weeshuis", las ze, afwisselend wijzend naar de gebouwen uit haar geboortestad.
"Wist jij dat het Hermitage nog tot in de jaren ´90 dienst deed als bejaardenhuis?"
Ik schudde van nee en kon mijzelf niet voorstellen hoe het imposante museum aan mijn linkerhand eeuwenlang mensen na sluitingstijd bezoekers had gehad, laat staan bewoners. Nu huisde het persoonlijke spullen van Catherina de Grote, de Russische tsarina, de reden van ons bezoek. Eerst koffie. Ik had erop gestaan, ik kende mijn moeder langer dan vandaag.
De twee stukken worteltaart die voor ons werden geschoven waren mijn koffie. Haasten had ik nog een banaan naar binnen gepropt en tegelijkertijd met een arm mijn jas probeerde aan te trekken, terwijl mijn moeders auto stationair voor de deur stond te draaien. Uiteraard was dit niet genoeg en de enorme punt verdween snel en mijn gemoed en maag waren gestild. Mijn moeder bestelde een tweede kopje koffie en met dit gebaar van decadente toegeeflijkheid, waande ik mij op vakantie.
Zes jaar eerder waren we samen betoverd door de openingstentoonstelling en 6 dagen eerder was ik terug gekeerd uit Rusland.
Zwaar gedesillusioneerd. Het Hermitage had niet de elan en grandeur die ik had verwacht. Het had overvolle gangen, slechte verlichting en Russische informatieborden.
Hoewel ik moet zeggen dat het bosbessentaartje dat ik daar genuttigd had voortreffelijk was geweest. Aangezien ik niet voor bosbessen naar het Hermitage was gekomen, hoopte ik dat mijn bezoekje aan de Amsterdamse dependance mij vrolijker zou stemmen. Dat deed het.

Langs een brede, elegant gekromde trap was een enorme uitvergroting van een portret van Catherina te zien. Haar eeuwenoude bescheiden glimlach verwelkomde ons op haar tentoonstelling. Links hingen portretten van actrices die haar ooit vertolkt hadden. Ijverig schreef ik de titels op. Bovenaan de trap moest ik wel even met mijn ogen knipperen. Grote zaal met fonkelende objecten met schreeuwige roze muren was voor mij verschenen.
"We willen het verhaal van een prinsesje vertellen, een sprookje. Van boerin naar machtigste vrouw van Rusland." vertelde de gids terwijl ze trots naar een portretje van de Duitse Sophia uit Anhalt wees. Deze uitspraak werd onderstreept met het "er was eens...", wat met krullende letters de muur sierde. Hoewel dit prachtig was, vreesde ik dat dit sprookje af zou wijken van mijn recent gevormde beeld op basis van Simon Sebag Montefiori's uitstekende Romanov biografie. De gids stelde niet teleur. Passievol vertelde zij over haar reis, haar wil om het goed te doen aan het hof en haar waardeloze echtgenoot. De waanzinnig intelligente dame had zich het Russisch meester gemaakt,  filosofische werken gelezen en zich laten bekeren tot de orthodoxie, waarmee ze zelfs haar naam inruilen voor een Russische, Catherina. Toegewijd aan het land dus. De gids ging alleen naar mijn idee een stapje te ver door te stellen dat ze enorm verlicht en heel liberaal was, doordat ze het bevrijden van horigen stimuleerde. Met mijn betweterige wijsvinger in de lucht deelde ik mee dat Catherina zelf duizenden horigen bezat en deze geen moment heeft losgelaten. Sterker nog, ze gaf ze cadeau aan haar minnaars.
De gids antwoordde dat Catherina te afhankelijk was van haar horigen en kritiek over veranderingen niet zo overleven   boze mannen met hooivorken stonden bij wijze van klaar om haar uit de macht te zetten.
Bewijsstuk A in smaken verschillen
Wat ik wel waardeerde is dat het museum haar imago als nymfomane wilde afzwakken. Ze werd voornamelijk zo afgeschilderd door mannelijke vijanden. Haar vele minnares prijkten met hun portretten aan de muur. De mannen waar ik eerder over had gelezen en werden beschreven als onweerstaanbaar en het toppunt van mannelijkheid, keken me nu met grote neuzen, dikke lippen en onderkinnen aan. Laten we zeggen dat Catherina en ik verschillen qua smaak in mannen.


Naast de begane grond waar haar leven in grote lijnen werd uiteengezet, vervolgde op de bovenverdieping de tentoonstelling zich met verdiepende uitsneden van haar leven; haar reis, haar aankomst op het hof. Mijn favoriete kamer had een collectie schilderijen die het leven van Voltaire belachelijk maakte, die ze had gekocht om hem, haar vriend, te pesten.
Bijzonder aan de tentoonstelling is dat zij die niet het geluk hadden om een rondleiding te krijgen, alsnog een fantastische gids hebben in de vorm van een audiotour.  In tegenstelling tot de zeer gedetailleerde, trage en slaapverwekkend audiotour die mij eerder gezelschap hielden, was dit een aangename verrassing.  Geen details over de kunst, maar een verhaal dat vertelt werd aan de hand van passages uit haar autobiografie en spannende episodes uit haar leven, door acteurs tot leven gewekt. Geweerschoten en paardengetrappel klonken bij het betreden van de zaal gespecialiseerd in haar coup, terwijl op de achtergrond een van de verfilmingen van haar levensverhaal te zien waren.

Een prachtige tentoonstelling, erg geschikt voor het grote publiek. Een mooi voorbeeld van hoe van een gewone museumopstelling een beleving gemaakt kan worden. Ja, minder ruimte voor nuance en detail. Toch vind ik het belangrijker dat mensen eerst geïntrigeerd worden. Anders zullen weinig mensen zich verder in de geschiedenis verdiepen. Zo ging dat ook met mijn Rusland reis. Heb ik veel nieuws geleerd? Nee, dat niet. Hier en daar details. Is het meer voor mij gaan leven? Ja, zeker. Wil ik nu haar autobiografie lezen? Absoluut.
Moet jij ook naar deze tentoonstelling? Zie bovenstaande.
Als het niks is,  kan je altijd nog worteltaart in de tuin eten.